Commissie
De Commissie Doelmatigheid Hoger Onderwijs heeft primair tot taak het beoordelen van aanvragen macrodoelmatigheid hoger onderwijs en het uitbrengen van een advies hierover aan de Minister. De commissie is ingesteld met ingang van 1 juli 2009. Desgevraagd brengt de commissie advies uit aan de minister in het kader van besluitvorming over het ontnemen van de rechten aan een opleiding.
De commissie bestaat uit 6 leden (waarvan 1 vicevoorzitter) en 1 voorzitter die door de minister zijn benoemd voor een periode van vier jaar. Zij zijn eenmaal herbenoembaar.
drs. N.M. Verbraak (voorzitter)
Norbertus Martinus Verbraak is de voorzitter van de Commissie. Hij studeerde culturele antropologie aan de Rijksuniversiteit Leiden. In de tachtiger jaren werkte hij bij het Ministerie van OCW als plaatsvervangend directeur hoger beroepsonderwijs. Nadien was hij bestuurder bij de Hogeschool Katholieke Leergangen te Tilburg en was hij lid en vervolgens voorzitter van de Raad van Bestuur van de Fontys Hogescholen, welke functie hij gedurende drie ambtstermijnen tot juni 2008 bekleedde. Verbraak vervulde in die periode vele functies voor de HBO-sector als geheel. Hij was geruime tijd lid en vicevoorzitter van het bestuur van de HBO Raad.
Mw. mr. R.G.K. Voss
Renata Geertruida Katharina Voss is de vicevoorzitter van de Commissie. Zij werkte vanaf 1989 bij het ministerie van OCW achtereenvolgens als wetgevingsjurist, plaatsvervangend directeur en directeur Wetgeving en Juridische Zaken en als directeur Rekenschap. Vanaf 2004 werkte zij als hoofdinspecteur BVE bij de Onderwijsinspectie en bekleedde die functie vanaf 2008 ook voor het Hoger Onderwijs. Vanaf 1 januari 2009 is zij lid van het college van bestuur van het Albeda College in Rotterdam.
dr. A. Mosterd
Aart Mosterd was leraar scheikunde en wethouder van Putten en is oud Tweede Kamerlid namens het CDA (1998-2006). In de Tweede Kamer was hij woordvoerder voor het beroepsonderwijs. Hij gold ook als specialist op het gebied van maatschappelijke zorg en was onder andere voorzitter van de commissie Zorguitgaven die de effectiviteit van investeringen in de gezondheidszorg onderzocht. Verder was hij lid van de parlementaire enquêtecommissie Srebrenica.
ir. F. Kuipers
Frans Kuipers studeerde tropische cultuurtechniek aan de Landbouwuniversiteit Wageningen. Na zijn afstuderen werkte hij voor de Verenigde Naties (FAO), het ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties (UNDP) en het Ministerie van Buitenlandse Zaken (DGIS) in ondermeer de Filippijnen, Italië en Senegal. Hij was vicevoorzitter van het College van Bestuur van de Landbouw Universiteit Wageningen (1986-1993). Aansluitend vanaf 1994 was hij 15 jaar voorzitter van het College van Bestuur van de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden. Hij vervulde daarnaast bestuursfuncties in het hoger onderwijs en daarbuiten, en was onder meer lid van het bestuur van de HBO Raad. De afgelopen jaren heeft hij zich als voorzitter van Profound, sterk gemaakt voor de bevordering van de ontwikkelingssamenwerking in het hoger onderwijs.
prof. dr. Jan Anthonie Bruijn
Jan Anthonie Bruijn studeerde geneeskunde aan de Johns Hopkins University, Baltimore (Verenigde Staten) en de Erasmus Universiteit Rotterdam en is sinds 1996 als hoogleraar Immunopathologie verbonden aan het Leids Universitair Medisch Centrum. Hij is voorzitter van het Opleidingsbestuur Geneeskunde en Biomedische Wetenschappen van de Universiteit Leiden, voorzitter van de Programmaraad van het Europees Platform. Hij bekleedt diverse [ook] toezichthoudende functies in het onderwijs en de gezondheidszorg waaronder die van adviserend lid van de Onderwijsraad, vicevoorzitter van de raad van toezicht van de Hogeschool Leiden en ambassadeur van het Platform Bèta-Techniek, lid curriculumcommissie Leiden University College Den Haag, lid Raad van Toezicht Rijnlands Revalidatie Centrum en lid curatorium Prof. Mr. B.M. Teldersstichting.
mr. E. M. d’Hondt
Ed d’Hondt werd na functies in het bedrijfsleven en de provincie Gelderland in 1976 burgemeester van achtereenvolgens Hilvarenbeek (’76-’85), Maarssen (’85-’90), en Nijmegen (’90-’00). Van november 2000 tot december 2006 was hij voorzitter van de VSNU. Hij vervulde en vervult tal van functies op uiteenlopend terrein. Op dit moment is hij voorzitter van het bestuur van GGD-Nederland. Verder is hij vicevoorzitter van het Nederlandse Rode Kruis, voorzitter van het bestuur van de Stichting Montesquieu, voorzitter van de Interbestuurlijke Taskforce Gemeenten, lid van de Raad van Commissarissen BMC, en voorzitter van de Commissie Evaluatie Staatsbosbeheer. Van zijn hand verscheen tevens een aantal publicaties.
Mw. J.G. Stam
Joacomina Geertruida (Ineke) Stam is voorzitter van het samenwerkingsprogramma ‘Politietop divers, naar een duurzaam perspectief’ ingesteld door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Daarvoor was zij eerst vijf jaar als plaatsvervangend voorzitter en van 2004 tot en met 2007 als voorzitter van het College van Bestuur van de Politieacademie en Hoofdcommissaris van Politie, de drijvende kracht achter de vernieuwing van het politieonderwijs tot een samenhangend duaal onderwijsstelsel met mbo en hbo/wo bachelor en master opleidingen. Van 1971-1989 heeft zij docent- en managementfuncties vervuld in het HBO. Haar laatste functie in dat kader was faculteitsvoorzitter van de Hanzehogeschool Groningen. Zij is lid van het Bestuur van de Stichting Kennisontwikkeling Hoger Onderwijs en is toezichthouder bij het Friesland College en de Bestuursacademie Nederland.

